Zoete sjalot met verfijnde smaak
Kenmerken
Tuinieren
Locatie
Sjalot 'Zebrune' – een langwerpige sjalot met een zachte, verfijnde smaak
De sjalot 'Zebrune' is een Frans erfgoedras met een langwerpige vorm en een koperrode schil. Hij groeit goed in de Nederlandse moestuin en levert een aromatische, licht zoete sjalot die uitstekend geschikt is voor de keuken.
Sjalot 'Zebrune' zaaien en planten in de moestuin
Zaai de sjalot 'Zebrune' van februari tot april op een zonnige, goed gedraineerde plek. Zorg voor een neutrale tot licht humeuze bodem. Verdun de zaailingen tot een onderlinge afstand van 10 à 15 cm zodat de bollen voldoende ruimte krijgen om zich te ontwikkelen.
De zaden kiemen doorgaans binnen 10 tot 14 dagen bij een bodemtemperatuur van minimaal 10 °C. In Nederland is het aan te raden te wachten tot de grond voldoende is opgewarmd, meestal eind maart of begin april voor zaai in volle grond.
Waar groeit de Zebrune sjalot het best?
De Zebrune sjalot gedijt het best op een volledig zonnige standplaats met een lichte, goed doorlatende grond. Zware of natte grond remt de bolontwikkeling en vergroot de kans op rot. Een verhoogd bed of kweekbak met goede drainage werkt uitstekend.
Als u via uienzaadjes start in plaats van via plantgoed, vraagt dit iets meer geduld maar geeft het u meer controle over het teeltproces en een ruimere keuze aan rassen. Een fijne manier om je moestuin stap voor stap uit te breiden.
Oogsten en bewaren na een goed seizoen
De bollen zijn oogstrijp van augustus tot oktober, zodra het loof begint te legeren en te vergelen. Trek de sjalotten voorzichtig uit de grond en laat ze een tot twee weken drogen op een luchtige, droge plek voor een goede bewaring.
Als onderdeel van een ruim assortiment zaden van fruit en groenten past de sjalot 'Zebrune' perfect in een gevarieerde moestuin. Combineer hem met wortel of peterselie voor een logische teeltrotatie en een rijke oogst saison na saison. Willemse helpt u bij elke stap van het tuinseizoen.
PRO TIP : Sjalot 'Zebrune'
Zaai de Zebrune sjalot van eind februari tot april. Wacht bij volle grondzaai tot de bodemtemperatuur minimaal 10 °C bedraagt, meestal eind maart. Vroege zaai kan binnen op een lichte, koele vensterbank of in een onverwarmde kas.
Zaai de zaden op circa 1 cm diepte in rijen van 25 cm uit elkaar. Verdun de zaailingen later tot één plant per 10 à 15 cm. Dit geeft de bollen voldoende ruimte om zich goed te ontwikkelen en voorkomt concurrentie tussen de planten.
De sjalotten zijn oogstrijp wanneer het loof begint te legeren en geel wordt, doorgaans tussen augustus en oktober. Trek ze voorzichtig uit de grond en laat ze 1 à 2 weken drogen op een droge, luchtige plek voor een goede bewaring.













