Stevige koolkop, snel en betrouwbaar
Kenmerken
Esthetiek
Tuinieren
Locatie
Kool 'Vestri F1' – stevige witte kool voor een rijke zomeroogst
Kool 'Vestri F1' is een snelgroeiend F1-hybride ras van witte kool dat compacte, vaste koolkoppen vormt van juli tot oktober. Een betrouwbare keuze voor de moestuin, ook voor beginnende telers.
Waarom Kool 'Vestri F1' een goede keuze is voor uw moestuin
Dit ras behoort tot de koolsoorten (witte kool) die zich onderscheiden door hun ziekteweerstand en homogene koolvorming. De koppen zijn stevig, goed gesloten en houden lang hun kwaliteit na de oogst. Als F1-hybride biedt 'Vestri F1' een stabiele opbrengst van plant tot plant.
De oogstperiode loopt van juli tot oktober, wat het ras bijzonder geschikt maakt voor een gespreide zomer- en herfstoogst. In het Nederlandse klimaat is dit een van de meest betrouwbare koolrassen voor de thuisteler.
Zaaien en opkweken van Kool 'Vestri F1'
Zaai van februari tot april, bij voorkeur onder glas of op een verwarmde vensterbank. De kieming vindt plaats tussen 7 °C en 18 °C en duurt doorgaans 7 tot 10 dagen. Verstek de zaailingen zodra ze twee echte blaadjes hebben en plant ze daarna buiten uit, op een afstand van minstens 50 cm tussen de planten.
Plant de koolplanten op een volle zon locatie, in een diepe, rijke en vochtige grond. Een goede grondvoorbereiding met compost bevordert de wortelontwikkeling en de kwaliteit van de koolkop.
Praktische teeltadviezen voor een geslaagde oogst
Onderhoud en oogst saison na saison
Kool 'Vestri F1' vraagt weinig onderhoud eens de planten goed zijn aangeslagen. Houd de grond vochtig, verwijder onkruid regelmatig en geef om de drie weken een stikstofrijke meststof. Bij Willemse vindt u alle benodigde koolplanten en teeltbenodigdheden voor een geslaagd tuinjaar.
Oogst de koppen zodra ze stevig aanvoelen, doorgaans 10 tot 12 weken na het uitplanten. Snijd de koolkop laag af en laat de stronk staan: soms vormen zich nog kleine zijkoppen die u later kunt oogsten.
PRO TIP : Kool 'Vestri F1'
Plant de opgekweekte zaailingen buiten vanaf begin mei, na een afhardingsperiode van 7 tot 10 dagen. Zorg dat de nachtvorst voorbij is en de bodemtemperatuur minstens 7 °C bedraagt voor een goede aanslag.
Gebarsten koppen ontstaan meestal door onregelmatig water geven. Water de planten regelmatig en gelijkmatig, zeker tijdens de koolvorming. Vermijd droge periodes gevolgd door overvloedige regen of beregening zonder tussenliggende aanpassing.
Dat is mogelijk in een bak met een minimale diepte van 40 cm en een inhoud van minstens 30 liter per plant. Gebruik een rijke, goed vochtvasthoudende grond en water dagelijks bij warm weer. De opbrengst is iets lager dan in volle grond.









