Vroeg oogsten, romig van smaak
Kenmerken
Tuinieren
Locatie
Aardappel 'Blanche', een vroegrijpend ras met romige smaak
De aardappel 'Blanche' is een vroegrijpend ras met een glad, wit schil en een fijn, romig vruchtvlees. Geschikt voor zowel de volle grond als grote bakken, levert dit ras een betrouwbare oogst vanaf juli. Een goede keuze voor tuiniers die vroeg in het seizoen willen oogsten.
Aardappelpootgoed planten op het juiste moment
Plant het Aardappelpootgoed van dit ras in maart of april, zodra de grond voldoende opgewarmd is tot minimaal 8 à 10 °C. In Nederland is dat doorgaans mogelijk vanaf half maart, afhankelijk van de regio en het weer.
Kies een zonnige tot licht beschaduwde plek met diepe, drainerende en voedselrijke grond. De aardappel 'Blanche' gedijt goed in losse, goed doorwortelbare bodem. Verdicht en watervasthoudende grond vergroot het risico op rotting en mindere knolvorming.
Plant de knollen op een diepte van 10 à 12 cm en houd een rijafstand van 60 cm aan. Aanaarden zodra de eerste scheuten zichtbaar zijn bevordert de knolzetting en beschermt de jonge planten tegen late nachtvorst.
Hoe verzorg je de aardappel 'Blanche' tijdens het groeiseizoen
Water geven is cruciaal, maar matig: te veel water verhoogt de kans op schimmelziekten en knolaantasting. Geef regelmatig water tijdens de knolzetting, bij voorkeur aan de voet van de plant en niet over het loof.
Blijf de grond rondom de planten loshouden en verwijder onkruid regelmatig. Een lichte bemesting met compost bij het planten volstaat doorgaans voor dit ras op een voedselrijke bodem.
Oogsten en bewaren na een geslaagd groeiseizoen
De oogst van dit vroegrijpende ras valt in de Moestuin doorgaans tussen juli en september. Controleer de rijpheid door voorzichtig een plant uit te graven: zijn de schillen stevig en lossen ze niet los bij wrijven, dan zijn de knollen oogstklaar.
Bewaar geoogste aardappelen op een donkere, droge en koele plek rond 4 à 8 °C. Vermijd bewaring naast appels of peren: deze vruchten geven ethyleen af dat de aardappelen sneller doet ontkiemen.
Veelgemaakte fouten bij het telen van aardappelen voorkomen
Een veelgemaakte fout is te vroeg planten in koude, natte grond. Wacht altijd tot de bodemtemperatuur stabiel genoeg is. Plant ook nooit op dezelfde plek als het jaar voordien: wissel met andere gewassen om bodemziekten en aaltjes te beperken.
Vergeet niet het loof te verwijderen zodra het afsterft. Laat het niet liggen maar composteer het of voer het af om verspreiding van schimmelsporen te voorkomen. Met de juiste aanpak biedt de aardappel 'Blanche' een eenvoudig te telen en smakelijk resultaat.
PRO TIP : Aardappel 'Blanche'
Blancheren betekent aardappelen kort voorkoken voor verdere bereiding of invriezen. Voor de aardappel 'Blanche' is dit niet verplicht, maar handig als u wilt invriezen. Kook de stukken 3 tot 5 minuten, koel snel af in ijswater en vries daarna in.
Plant bij voorkeur van half maart tot april, zodra de bodemtemperatuur stabiel boven de 8 °C ligt. In koudere regio's van Nederland wacht u beter tot april om nachtvorstschade aan de jonge scheuten te vermijden.
Onder goede omstandigheden levert één poter van de aardappel 'Blanche' gemiddeld 8 tot 12 knollen op. De opbrengst hangt af van bodemkwaliteit, regelmaat van water geven en de hoeveelheid zon tijdens het groeiseizoen.



















