Zoete witte ui, makkelijk te oogsten
Kenmerken
Esthetiek
Tuinieren
Locatie
Ui 'Snowball' – een witte ui met milde smaak voor de moestuin
De Ui 'Snowball' (Allium cepa Snowball) is een betrouwbare witte ui die goed gedijt in de Nederlandse tuin. De bollen zijn rond, wit van kleur en hebben een zachte, milde smaak. Geschikt voor beginnende tuinders en ervaren moestuiniers.
Wat maakt de Ui 'Snowball' geschikt voor jouw moestuin?
Deze witte ui groeit goed in een volle zon of lichte halfschaduw. De plant heeft een gematigde groeisnelheid en bereikt een stevige bolvorming tegen eind de zomer. Ze is winterhard tot -19°C (zone 6b), wat haar ook in koudere Nederlandse winters betrouwbaar maakt.
De Ui 'Snowball' bloeit in april en mei met witte bloemen en is mellifeer, wat betekent dat ze nuttige bestuivers naar de tuin trekt. Voor de eetbare teelt worden de bollen echter geoogst vóór de bloei zodat alle energie in de bol blijft.
Wanneer en hoe witte uienbollen planten?
Plant de Uienbollen in maart of april op een goed doorlatende, voedselrijke bodem. Kleigrond werkt prima mits voldoende drainage aanwezig is. Druk elke bol met de punt naar boven in de grond op een diepte van circa 2 à 3 cm. Houd een rijafstand van 25 cm aan en laat 10 cm ruimte tussen de bollen onderling.
De Ui 'Snowball' heeft weinig water nodig. Vermijd overmatige vochtigheid om bolrot te voorkomen. Dit is een van de meest voorkomende fouten bij het telen van uienbollen.
Oogsten en bewaren van Snowball-uien
De oogst vindt plaats tussen augustus en oktober, zodra het loof begint te verkleuren en omvalt. Laat de bollen daarna een week drogen op een droge, luchtige plek vóór opslag. Goed gedroogde bollen bewaren uitstekend gedurende enkele maanden.
Voor wie ook andere bolgewassen in de moestuin wil telen, biedt het assortiment Knoflook, Uien en Sjalotten bij Willemse een brede keuze aan goed bewaarbare rassen. De Ui 'Snowball' past perfect naast wortels, prei en sla in het moestuinbed.
PRO TIP : Ui 'Snowball'
Plant de bollen bij voorkeur in maart of april, na de laatste zware nachtvorst. De bodem moet dan voldoende opgewarmd zijn. Een temperatuur van minimaal 8°C in de bovenste grondlaag bevordert een vlotte beworteling en regelmatige kieming.
Druk de bollen op circa 2 à 3 cm diepte in de grond, met de punt naar boven. Te diep planten vertraagt de opkomst. Zorg dat de top van de bol net onder het grondoppervlak zit voor een optimale bolontwikkeling.
Laat de geoogste bollen minstens 5 à 7 dagen drogen op een droge, goed geventileerde plek buiten direct zonlicht. Bewaar ze daarna in een koel, droog en donker vertrek. Goed gedroogde bollen blijven zo 3 tot 4 maanden houdbaar.







