Zeldzaam bolgewas
Kenmerken
Esthetiek
Tuinieren
Locatie
Dichelostemma
De Dichelostemma, botanisch Dichelostemma congestum, is een verrassend bolgewas met paarse bloemtrossen die in mei en juni verschijnen. U kiest deze soort voor een natuurlijke tuin waar u iets bijzonders wilt tonen.
Plant hem op een zonnige of licht beschaderde plek in een goed doorlatende, neutrale en zandige bodem. Na enkele jaren vormt hij fraaie polletjes die elk voorjaar terugkeren en steeds meer bloemstelen dragen.
Waarom kiezen voor deze bijzondere bolgewas
Deze soort onderscheidt zich van meer bekende voorjaarsbollen door de compacte, bolvormige bloemhoofden op stevige, rechtopstaande stelen tot 60 cm hoog. In tegenstelling tot veel tuliparassen bloeit hij later, in de vroege zomer.
De bloemen zijn drachtplanten en trekken bijen en andere bestuivers aan. Als u van rustige, weinig veeleisende planten houdt, past deze soort goed in uw beplanting.
Zo plant en verzorgt u de Dichelostemma congestum
Plant de bollen in oktober, november of december, wanneer de grond nog bewerkbaar is. Een goed doorlatende bodem is belangrijk, want staand water in de winter verdraagt hij slecht. Deze bolgewassen horen thuis in de categorie Originele Bloembollen en vragen weinig onderhoud.
Waar komt de plant het best tot zijn recht
Deze paarse bloemen voor borders doen het goed in een zonnige rand of een grindtuin. De rechtopstaande groei geeft structuur tussen lagere vaste planten.
Teelt in pot of bak is mogelijk, mits u zorgt voor een doorlatend substraat. Bij Willemse selecteren wij bollen die betrouwbaar uitlopen.
Met welke planten combineert u deze soort
Combineer de trossen met siergrassen, salie of lavendel voor een natuurlijke, zonverwarmde sfeer. De vroegzomerse bloei sluit mooi aan op vroegbloeiende bollen zoals de andere Bloembollen in uw tuin.
De bloemen zijn ook geschikt om te snijden en houden goed op de vaas. In matige klimaten is hij winterhard tot ongeveer -16 graden, mits de bodem voldoende droog blijft.
PRO TIP : Dichelostemma
Plant de bollen in het najaar, van oktober tot december, op een zonnige of licht beschaduwde plek. Kies een neutrale, zandige en goed doorlatende bodem. Plant ongeveer 8 tot 10 cm diep en geef weinig water. Zo keren de plantjes elk voorjaar terug.
Hij is winterhard tot ongeveer -16 graden, zone 7a. Belangrijk is een droge, doorlatende bodem, want winterse natheid verdraagt hij slecht. Bescherm bij strenge vorst met een laag mulch of teel hem in een pot die u kunt beschutten.
Deze soort is goed bestand tegen droogte en vraagt weinig water. Geef bij aanhoudende droogte tijdens de groei en bloei mondjesmaat water. Na de bloei laat u de bodem opdrogen, zodat de bollen goed kunnen rusten en aansterken.






