Vroege zomeraster
Kenmerken
Esthetiek
Tuinieren
Locatie
Zomeraster 'Wartburgstern'
De ZomerAster 'Wartburgstern', botanisch Aster tongolensis, is een vroegbloeiende vaste plant met violetblauwe bloemen en een helder oranjegeel hart. Ze brengt kleur in de tuin op een moment dat veel andere asters nog niet bloeien.
Waarom kiezen voor deze vroege aster
Deze soort onderscheidt zich van de bekende herfstasters door haar bloei in juli, augustus en september. De bloemen zijn margrietachtig en solitair, waardoor de plant lichter oogt dan de dicht vertakte najaarssoorten. Ze blijft laag genoeg om vooraan te staan.
Bij een goede standplaats groeit ze uit tot een pol van ongeveer zestig centimeter hoog met een rechtopgaande vorm. De groei verloopt gematigd, dus na twee tot drie jaar vult ze haar plek rustig en betrouwbaar op.
Waar plant u deze Aster het best
Kies een zonnige plek met een doorlatende, fris blijvende bodem. Op zware, natte grond kan de plant in een Nederlandse winter uitvallen, dus zorg voor voldoende drainage. In een border tussen andere vaste planten komt haar bloeikleur mooi tot haar recht.
Combineren en aantrekken van vlinders
De bloemen zijn drachtig en trekken bijen en vlinders aan gedurende de hele zomer. Combineer haar met gele zonnehoed, salie of siergrassen voor een natuurlijke borderopbouw. Ook in pot of bak op een zonnig terras doet ze het goed.
Onderhoud door de seizoenen heen
Deze aster is winterhard tot ongeveer -22°C en vraagt weinig verzorging. Verwijder uitgebloeide stengels om de plant netjes te houden. Knip het gewas in het late najaar of vroege voorjaar terug tot vlak boven de grond. Deel de pol elke drie tot vier jaar om haar vitaal te houden. Een goede luchtcirculatie beperkt het risico op meeldauw in vochtige zomers.
PRO TIP : Zomeraster 'Wartburgstern'
Deze aster bloeit in juli, augustus en september. Daarmee bloeit ze vroeger dan de bekende najaarsasters en overbrugt ze de periode voordat de herfstsoorten op gang komen.
Kies een doorlatende, fris blijvende grond op een zonnige plek. Op zware, natte bodem kan de plant tijdens een natte winter wegvallen. Meng grof zand of compost door zware grond voor betere drainage.
Knip het gewas in het late najaar of vroege voorjaar terug tot boven de grond. Deel de pol elke drie tot vier jaar om de groeikracht te behouden. Voldoende ruimte tussen de planten beperkt meeldauw in vochtige zomers.














