Vroeg blauw in de lente
Kenmerken
Esthetiek
Tuinieren
Locatie
Sneeuwglorie 'Forbesii'
De Sneeuwglorie 'Forbesii', botanisch Chionodoxa 'forbesii', is een van de vroegste bolgewasjes die de tuin uit de winterslaap haalt. In maart en april verschijnen heldere blauwe sterbloempjes, vaak nog voordat andere planten ontwaken.
Deze soort voelt zich thuis op een zonnige tot licht beschaduwde plek met een neutrale, goed doorlatende grond. Plant de bollen in september tot november op ongeveer 10 cm afstand, zodat ze na enkele jaren een sierlijk blauw tapijt vormen.
Waarom kiezen voor de gloire des neiges in uw tuin
Deze sneeuwroem blijft laag, met een hoogte van ongeveer 15 cm en een tapijtvormende groei. Het frisse groene blad verschijnt gelijktijdig met de bloei en trekt zich later rustig terug.
In vergelijking met verwante voorjaarsbloeiers is de Chionodoxa 'forbesii' opvallend winterhard, tot ongeveer -11°C. Daardoor doorstaat hij het Nederlandse voorjaar met zijn wisselende vorst zonder problemen.
Op de juiste plek een blauw voorjaarstapijt vormen
De groei verloopt traag maar gestaag. Na enkele jaren verwildert de plant vanzelf en breidt hij zich uit in borders, onder loofbomen of tussen struiken. Zo ontstaat elk voorjaar een dichter bloemtapijt.
Combineer deze vroege bloeier met sneeuwklokjes, krokussen en botanische narcissen voor een natuurlijk ogend geheel. In de rand van een border tussen andere bloembollen komt het blauw goed tot zijn recht.
Hoe plant en verzorg ik deze voorjaarsbloeier
De verzorging is eenvoudig en vraagt weinig water. Een enkele goede standplaats volstaat om jaar na jaar plezier te beleven.
Waar u op mag letten
Op zware, natte grond kunnen de bollen wegrotten. Zorg voor drainage en vermijd plekken waar water blijft staan. Bij Willemse leveren wij gezonde bollen die betrouwbaar uitlopen, mits ze op tijd in de herfst worden geplant.
PRO TIP : Sneeuwglorie 'Forbesii'
Plant de bollen in de herfst, van september tot en met november. Zo kunnen ze wortelen voor de winter en bloeien ze al in maart en april. Plant ze 8 tot 10 cm diep in goed doorlatende grond.
Een zonnige tot licht beschaduwde plek met neutrale, drainerende grond is ideaal. Onder loofbomen of in de rand van een border komt het blauw goed tot zijn recht. Vermijd natte, zware grond waar bollen kunnen wegrotten.
Ja, deze soort is winterhard en verwildert. De groei is traag, maar na enkele jaren breidt de plant zich uit tot een dicht bloemtapijt. Laat het blad na de bloei afsterven zodat de bol kracht opbouwt voor het volgende voorjaar.















