Sierlijk het hele jaar
Kenmerken
Esthetiek
Tuinieren
Locatie
Ruwe smele 'Bronzeschleier'
De Ruwe smele 'Bronzeschleier', botanisch Deschampsia cespitosa 'Bronzeschleier', is een wintergroen siergras met een fijne, luchtige bloeipluim. Deze soort behoort tot de groep Deschampsia en past goed in borders en gemengde plantvakken.
Waarom kiezen voor dit fijne pollengras
Dit gras vormt een dichte, rechtopstaande pol met smalle groenblijvende bladeren. Vanaf juli verschijnen luchtige pluimen die eerst bronsgroen zijn en later goudgeel verkleuren. De pluimen bereiken tot 120 cm hoogte en blijven decoratief tot in de winter.
Anders dan veel eenjarige grassen blijft deze soort meerdere jaren staan. De groei is traag, waardoor de pol geleidelijk breder wordt zonder woekeren. Na enkele seizoenen ontstaat een volle, stabiele pol met een natuurlijke uitstraling.
Waar plant u dit siergras het best
Kies een zonnige plek met een frisse, vochtige tot rijke bodem. Deze plant gedijt in tuingrond, klei en op vochthoudende grond. Ze verdraagt zeewind en zoute lucht goed, wat haar geschikt maakt voor kusttuinen. De winterhardheid reikt tot -19°C.
Binnen het aanbod siergrassen valt deze soort op door haar veelzijdige inzetbaarheid en robuustheid, ook op moeilijke plekken.
Praktische tips voor plantsucces
Plant tussen april en juni voor een goede beworteling. Houd een plantafstand van 45 cm aan zodat de pol zich vrij kan ontwikkelen.
Combineren in de border seizoen na seizoen
De transparante pluimen laten zich mooi combineren met vaste planten zoals rudbeckia, echinacea of salie. In grote groepen ontstaat een golvend effect dat de tuin het hele jaar structuur geeft. Let op: het stuifmeel kan bij gevoelige personen een allergische reactie geven.
PRO TIP : Ruwe smele
Plant tussen april en juni, zodat de pol goed wortelt vóór de zomer. Houd 45 cm afstand aan tussen de planten. De trage groei vraagt wat geduld, maar zorgt op termijn voor een volle, stabiele pol.
Knip het gras in het vroege voorjaar terug vóór de nieuwe groei begint. Water matig, vooral in het eerste jaar bij droogte. Verwijder oude pluimen na de winter voor een frisse hergroei.
Ja, deze soort verdraagt zeewind en zoute lucht goed. Ze gedijt op een zonnige plek met frisse, vochtige bodem en is winterhard tot -19°C, wat haar betrouwbaar maakt in open, winderige tuinen.










