Rood tot laat in najaar
Kenmerken
Esthetiek
Tuinieren
Locatie
Rode mini-petunia (x3)
De Rode mini-petunia (x3), botanisch Calibrachoa hybride red, is een compacte, rijkbloeiende plant met een hangende groeiwijze. De kleine rode bloemen verschijnen van april tot september en dekken de plant bijna volledig af.
Deze soort kiest u voor een zonnige plek op het balkon of terras. In een pot of bloembak vormt hij al na enkele weken een dichte, overhangende cascade van 20 tot 30 cm lang. Het resultaat blijft jaar na jaar betrouwbaar door de snelle groei.
Waarin verschilt de calibrachoa van een gewone petunia
De calibrachoa hybride red lijkt op een petunia, maar draagt talrijkere en kleinere bloemen. De plant blijft compacter en vertakt sterker. Daardoor houdt hij zijn volle vorm langer vast dan grootbloemige petunia's.
Het blad is klein, fijn en donkergroen. De hangende groeiwijze maakt hem geschikt voor hangmanden en verhoogde bakken, waar de takken sierlijk naar beneden vallen.
Waar plant u deze rode mini-petunia het best
Kies een volle zon en een goed doorlatende grond. Overtollig water moet snel weg kunnen, want natte wortels verzwakken de plant. In een bloembak werkt een laag potgrond met wat zand of kleikorrels uitstekend.
Deze plant hoort bij de eenjarige planten en verdraagt geen strenge vorst. In het Nederlandse klimaat plant u hem na de ijsheiligen, wanneer geen nachtvorst meer dreigt.
Onderhoud dat het bloeien verlengt
Met eenvoudige gewoonten bloeit deze plant heel de zomer door. Geef water zodra de bovenlaag droog aanvoelt en vermijd staand water.
Mooie combinaties op balkon en terras
De rode bloemen passen goed bij witte of blauwe zomerbloeiers zoals lobelia of bacopa. In een verzameling petunia's zorgt deze soort voor een lager, overhangend accent.
Als bijenvriendelijke plant trekt hij insecten aan en brengt hij leven in kleine tuinruimtes. Na het eerste seizoen weet u precies welke plek hem het best bevalt.
PRO TIP : Rode mini-petunia (x3)
Plant na de ijsheiligen, meestal half mei, wanneer geen nachtvorst meer dreigt. De plant verdraagt geen strenge vorst en groeit het best in volle zon vanaf een stabiele buitentemperatuur.
Geef matig water, telkens wanneer de bovenlaag van de grond droog aanvoelt. Zorg voor een goed doorlatende bodem, want staand water verzwakt de wortels. Bij warm weer wat vaker controleren.
Snoeien is niet strikt nodig, de plant reinigt zichzelf. Een lichte inkorting halverwege de zomer stimuleert de vertakking en houdt de plant compact en rijkbloeiend tot in het najaar.








