Blauwe bloei de hele zomer
Kenmerken
Esthetiek
Tuinieren
Locatie
Mauritaanse winde
De Mauritaanse winde, botanisch Convolvulus mauritanicus, is een lage vaste plant met een langdurige, hemelsblauwe bloei. Ze kiest voor een zonnige, warme plek en beloont u van mei tot september met een dicht bloemtapijt.
Waarom kiezen voor de Convolvulus mauritanicus
Deze soort onderscheidt zich door haar kruipende en overhangende groeiwijze. Anders dan de eenjarige akkerwinde blijft ze compact, wordt slechts 15 cm hoog en woekert niet. De trechtervormige, zachtblauwe bloemen trekken bijen en andere bestuivers aan.
Na twee tot drie seizoenen vormt de plant een gesloten, groenblijvend tapijt. Dankzij haar snelle groei bedekt ze de bodem doeltreffend en houdt ze onkruid tegen. Als bodembedekkende vaste planten is ze bijzonder geschikt voor droge, warme situaties.
Waar plant u deze mediterrane bodembedekker
Kies een volle zon en een goed doorlatende, zanderige of kalkhoudende grond. Zware, natte klei verdraagt ze slecht. Ideaal voor rotstuinen, taluds en de rand van borders, waar de stengels sierlijk overhangen.
De Mauritaanse winde voelt zich ook thuis in pot of bak op een zonnig terras. Zo kunt u de plant bij vorst gemakkelijk beschermen, want ze is winterhard tot ongeveer -8 graden.
Hoe verzorgt u de plant per seizoen
De verzorging blijft eenvoudig. Water spaarzaam, want de plant verdraagt droogte goed zodra ze is aangeslagen. In koude streken is winterbescherming raadzaam.
Met welke planten combineert u de Mauritaanse winde
Combineer haar met andere zonminnende vaste planten zoals lavendel, tijm of steenanjer voor een mediterraan geheel. Het blauw contrasteert mooi met grijs blad en warme bloemtinten, en verlengt de sierwaarde van uw tuin het hele seizoen.
PRO TIP : Mauritaanse winde
Ze is winterhard tot ongeveer -8 graden. In het Nederlandse klimaat is bescherming raadzaam. Dek de plant af met een deklaag of plaats potten in de winter tegen een beschutte, zonnige muur of in een vorstvrije ruimte.
Kies een volle zon met een goed doorlatende, zanderige of kalkhoudende grond. Vermijd zware, natte bodems. Rotstuinen, taluds en borderranden zijn ideaal, evenals potten op een zonnig terras.
Weinig. Zodra ze is aangeslagen verdraagt de plant droogte goed. Geef spaarzaam water en laat de grond tussen twee beurten opdrogen. Te veel vocht leidt tot wortelrot, vooral in de winter.

















