Geurig, droogtebestendig en bijengeliefd
Kenmerken
Esthetiek
Tuinieren
Locatie
Lavendel, de geurende vaste plant voor een zonnige tuin
Lavandula angustifolia is een winterharde, geurende struik die jaar na jaar bloeit. Met zijn paarse bloemen en zilverachtig blad past lavendel in elk zonnig border, op een terras of langs een pad.
Waarom lavendel kiezen voor uw tuin
Lavendel is een van de meest veelzijdige vaste planten voor een droge, zonnige plek. De plant bloeit van juni tot september met dichte, paarse bloempieken die bijen en vlinders aantrekken. Dankzij zijn mediterrane oorsprong verdraagt hij droogte uitstekend en vraagt hij weinig onderhoud.
De bloemen zijn ook eetbaar en lenen zich voor gebruik in de keuken of als snijbloem. Wie ook groenten of kruiden kweekt, kan lavendel als begeleider integreren in of vlakbij de moestuin, waar hij schadelijke insecten op afstand houdt.
Bij Willemse vindt u lavendel in verschillende vormen, waaronder bloemzaden voor wie de plant zelf wil opkweken van bij het begin.
Lavandula angustifolia in de Nederlandse tuin
In Nederland gedijt lavendel het best op een volle-zon locatie met goed doorlatende grond. Zandige, stenige of kalkrijke bodems zijn ideaal. Zware, natte kleigrond is de grootste valkuil: voeg bij het planten grof zand of grind toe om de drainage te verbeteren.
Plant lavendel bij voorkeur tussen mei en oktober, wanneer de bodem voldoende warm is. Geef de plant de eerste weken na het planten regelmatig water, daarna is nauwelijks beregening nodig. Lavendel groeit traag maar wordt een compacte, duurzame struik van 30 tot 60 cm hoog.
Snoeien en verzorgen voor een lange levensduur
Snoeien is essentieel om lavendel compact en gezond te houden. Doe dit twee keer per jaar: een lichte snoei direct na de bloei in augustus-september, en een tweede snoei in het vroege voorjaar (maart). Knip nooit in het oude, verhoute hout, maar altijd net boven het eerste groene blad.
Verwijder na de bloei de verdroogde bloemstelen. Geef lavendel eens per één à twee jaar een lichte bekalking als de grond te zuur wordt, want de plant gedijt het best bij een neutrale tot licht alkalische pH.
PRO TIP : Lavendel
Snoei lavendel twee keer per jaar. De eerste snoei vindt plaats direct na de bloei, in augustus of september. De tweede snoei gebeurt in het vroege voorjaar, rond maart, als de vorst voorbij is. Knip altijd net boven het eerste groene blad en nooit in het verhoute hout.
Gebruik een scherpe, schone snoeischaar. Knip de bloemstelen en een derde van de groene scheuten terug, maar laat altijd groen blad staan. Snoeien in het verhoute hout leidt tot kale plekken of het afsterven van de struik. Werk bij droog weer om ziekten te voorkomen.
Geef kalk aan lavendel als de bodem te zuur is, bij een pH onder 6. Dit doet u het best in het vroege voorjaar. Gebruik tuinkalk of kalkmeststof en werk dit licht door de bovenste grondlaag. Controleer eerst de pH met een bodemtestkit voor u bijkalkt.











