Gele bloei op droge grond
Kenmerken
Esthetiek
Tuinieren
Locatie
Heidebrem
De Heidebrem, botanisch Genista lydia, is een lage bloeiende struik die van april tot mei overvloedig gele bloemen draagt. Deze soort past uitstekend op een zonnige, goed doorlatende plek in de tuin.
Waarom kiezen voor deze bloeiende brem
Deze Genista lydia onderscheidt zich door haar compacte, breed uitgroeiende vorm. Anders dan de forsere bremsoorten blijft ze laag, met een hoogte van ongeveer 60 cm en een spreidende groeiwijze die de bodem geleidelijk bedekt.
Na enkele jaren vormt de plant een dicht, overhangend kussen van boogvormige twijgen. In het voorjaar kleuren de takken felgeel, wat de plant tot een dankbare keuze maakt binnen de arbustes à floraison printanière.
Waar plant u de Genista lydia het beste
Kies een zonnige standplaats met een droge, doorlatende bodem. Zand, kalk en steenachtige grond zijn ideaal. Zware, natte klei wordt slecht verdragen, omdat de wortels dan te lang vochtig blijven.
Deze mediterrane struik is winterhard tot ongeveer -19 graden Celsius. In een strenge Nederlandse winter kunnen twijguiteinden licht bevriezen, maar de plant loopt in het voorjaar vlot weer uit.
Hoe verzorgt u de plant door het jaar heen
De Heidebrem vraagt weinig aandacht en verdraagt droogte goed na aanslaan. Water geven is zelden nodig, behalve in het eerste groeiseizoen.
Waarmee combineert deze struik goed
Deze brem past mooi in droge borders, op taluds en langs zonnige randen. Combineer haar met lavendel, salie of siergrassen voor een natuurlijk geheel. Binnen het aanbod bremmen vult ze lage plekken op, terwijl ze tussen hogere heesters een rustig, geel accent geeft dat jaar na jaar terugkeert.
PRO TIP : Heidebrem
Plant de Genista lydia in het najaar, in september, oktober of november. De grond is dan nog warm, zodat de wortels rustig kunnen aanslaan voor de winter. Houd 50 tot 60 cm afstand tussen de planten.
Kies een goed doorlatende, eerder schrale bodem van zand, kalk of steengrond. Vermijd natte, zware klei, want stilstaand vocht laat de wortels rotten. Meng zo nodig grof zand door de grond voor betere afwatering.
Snoei licht en enkel direct na de bloei om de compacte, spreidende vorm te bewaren. Snoei niet in het oude hout, want brem loopt daar moeilijk weer uit. Verplaats de struik bij voorkeur niet, gezien het gevoelige wortelgestel.







