Zomerbloei voor vazen
Kenmerken
Esthetiek
Tuinieren
Locatie
Grootbloemige gladiool Mix 'Pride'
De Grootbloemige gladiool Mix 'Pride', botanisch Gladiolus, brengt hoge, kleurrijke bloemaren in de zomertuin. Deze mix combineert verschillende tinten voor een gevarieerd resultaat.
Waarom kiezen voor deze kleurrijke gladiool
Deze selectie onderscheidt zich door haar bijzonder grote bloemen en stevige stengels van 80 tot 100 cm hoog. De bloemaren openen zich van onderaf, wat een lange bloeiperiode in juli, augustus en september geeft.
Plant de knollen op een zonnige, beschutte plek in goed doorlatende grond. Na enkele weken verschijnen zwaardvormige bladeren, gevolgd door indrukwekkende bloemstelen die jaar na jaar terugkeren mits u ze goed bewaart.
Waar plant u deze bloembollen
De gladiool gedijt het best in volle zon en een luchtige bodem die niet te lang nat blijft. In de border geeft ze verticaal ritme tussen lagere zomerbloeiers.
Plant de knollen tussen april en juni, zodra de vorst geweken is. Combineer ze met dahlia's, zinnia's of siergrassen voor een levendige zomerborder.
Ideaal voor bloemen kweken voor vazen
Deze mix levert snijbloemen met lange stengels die lang mooi blijven in de vaas. Snijd de aren wanneer de onderste bloemen net opengaan, zodat de bovenste zich thuis verder ontplooien.
Zo geniet u binnen en buiten van dezelfde bloei, week na week gedurende de zomer.
Hoe verzorgt u de gladiool na de bloei
Deze gladiool is winterhard tot ongeveer -22 °C, maar in het Nederlandse klimaat is het veiliger de knollen na de eerste nachtvorst te rooien. Bewaar ze droog en vorstvrij tot het volgende plantseizoen.
Let op wisselvallige zomers, waarbij natte grond snel tot rot leidt. Bij Willemse selecteren we knollen die betrouwbaar uitlopen, zodat uw tuin seizoen na seizoen slaagt.
PRO TIP : Grootbloemige gladiool Mix 'Pride'
Plant de knollen tussen april en juni, zodra er geen vorst meer te verwachten is. Zet ze op 10 tot 12 cm diepte in goed doorlatende grond op een zonnige plek.
De knollen verdragen theoretisch tot -22 °C, maar door natte winters is rooien aan te raden. Haal ze na de eerste nachtvorst uit de grond en bewaar ze droog en vorstvrij tot het voorjaar.
Snijd de aar wanneer de onderste bloemen net opengaan. De bovenste knoppen ontplooien zich verder in de vaas. Voorzie de hoge stelen buiten van steun tegen wind en omvallen.





