Rode bloei in de winter
Kenmerken
Esthetiek
Tuinieren
Locatie
Grevillea met jeneverbessenblad
De Grevillea met jeneverbessenblad, botanisch Grevillea juniperina, is een wintergroene struik met fijn, naaldachtig blad en opvallende rode bloemen die al vroeg in het jaar verschijnen.
Waarom kiezen voor de Grevillea juniperina
Deze struik combineert een lange bloei met sierlijk, altijdgroen loof. Van februari tot mei tonen de rode, spinvormige bloemen zich, precies wanneer nectar schaars is. Daarmee is de plant een waardevolle keuze voor een bijenvriendelijke tuin en trekt zij ook vogels aan.
De naaldvormige blaadjes onderscheiden de Grevillea van veel andere breedbladige struiken. Het feuillage blijft het hele jaar groen en geeft ook in de winter structuur aan de border.
Waar plant u deze zonaanbidder
Kies een volle zon en een goed doorlatende bodem. De plant gedijt op zandige, zure grond en verdraagt droogte uitstekend. Zware, natte kleigrond wordt afgeraden, omdat wortelrot dan snel optreedt.
Bij Willemse adviseren wij een beschutte plek tegen koude oostenwind. De rusticiteit ligt rond -8°C, dus in strenge winters is bescherming van de wortelvoet met een dikke laag mulch verstandig.
Hoe ontwikkelt de struik zich in de loop der jaren
Met een matige groeisnelheid vormt de plant na enkele seizoenen een breed, buissonnant tot bodembedekkend geheel. Volgroeid bereikt zij ongeveer 200 cm hoogte. Houd bij het planten een afstand van 100 cm aan.
Deze eigenschappen maken haar geschikt tussen andere wintergroene heesters en als solitair in een droge, zonnige border.
Onderhoud en aandachtspunten per seizoen
Plant bij voorkeur in maart, april, september of oktober. Het onderhoud blijft beperkt en de waterbehoefte is laag.
Combineer deze plant met andere heesters die van droge, zonnige standplaatsen houden, zoals lavendel of cistus, voor een natuurlijk mediterraan geheel.
PRO TIP : Grevillea met jeneverbessenblad
De plant verdraagt vorst tot ongeveer -8°C. In het Nederlandse klimaat is bescherming aan te raden. Bedek de wortelvoet in de winter met een dikke laag mulch en kies een beschutte, zonnige plek uit de koude oostenwind.
Deze struik houdt van een goed doorlatende, zandige en zure bodem. Vermijd zware, natte kleigrond, want die veroorzaakt snel wortelrot. Werk bij twijfel wat zand door de grond om de afwatering te verbeteren.
Snoei licht direct na de bloei, meestal in het late voorjaar. Een lichte snoei behoudt een compacte, buissonnante vorm. Vermijd zware snoei in het oude hout, want de plant loopt daar moeizaam op uit.





















