Vurig rood in de zomer
Kenmerken
Esthetiek
Tuinieren
Locatie
Gladiolen Trader Horn
De Gladiolen Trader Horn, botanisch Gladiolus Traderhorn, brengt heldere rode bloemaren in de zomertuin. Deze klassieker groeit snel en past in borders, moestuinranden en potten op een zonnig terras.
Waarom kiezen voor deze rode gladiool
Deze variëteit valt op door haar zuiver rode kleur en de rechte, stevige bloemstengels. Ze bloeit van juni tot augustus en levert sierlijke aren die geleidelijk van onder naar boven opengaan.
In tegenstelling tot lagere zomerbloeiers bereikt deze Gladiool tot 120 cm. Dat maakt haar geschikt voor de achterkant van een border, waar ze verticaal reliëf geeft.
Waar plant u deze bloembollen het best
Kies een zonnige plek met een goed doorlatende bodem. Deze gladiool houdt van drainerende, zandige en voedselrijke grond. Op zware kleigrond helpt u de knollen door wat zand toe te voegen.
Plant de knollen tussen maart en juni, op ongeveer 10 cm diepte. Door in etappes te planten spreidt u de bloei over een langere periode in de zomer.
Hoe verzorgt u de planten door het seizoen
De verzorging is eenvoudig en beloont u snel dankzij de vlotte groei. Geef matig water en verwijder uitgebloeide aren om de knol te sparen.
Deze gladiool is niet volledig winterhard. De rusticiteit reikt tot ongeveer -11°C, maar in de Nederlandse winter rooit u de knollen best in het najaar en bewaart u ze vorstvrij en droog.
Waarmee combineert u deze zomerbloeier
Het rood komt mooi tot zijn recht naast blauwe of witte zomerbloemen. Combineer deze bulbes à fleurs met dahlia's, salvia of siergrassen voor een levendig geheel.
Als snijbloem blijft de aar lang mooi in de vaas. Snijd de stengel wanneer de onderste bloemen net opengaan, zo geniet u nog dagen van het verse rood.
PRO TIP : Gladiolen Trader Horn
Plant de knollen tussen maart en juni op ongeveer 10 cm diepte. Wacht tot de vorst voorbij is. Door om de twee weken bij te planten spreidt u de bloei over de hele zomer.
Ja, in het Nederlandse klimaat rooit u de knollen best in het najaar. Bewaar ze droog en vorstvrij op een donkere plek. Zo overleven ze de winter en bloeien ze het volgend seizoen opnieuw.
Met stengels tot 120 cm kunnen de planten bij wind omvallen. Op een winderige standplaats plaatst u best een stok of steun. Een beschutte, zonnige plek beperkt dit risico eveneens.












