Kleurrijke lentebloei
Kenmerken
Esthetiek
Tuinieren
Locatie
Dwergkwee
De Dwergkwee, botanisch Chaenomeles japonica, is een compacte sierheester die in het vroege voorjaar uitbundig rood bloeit. Deze Japanse Kweepeer valt op wanneer de rest van de tuin nog kaal is.
Waarom deze heester een plaats verdient in uw tuin
Deze struik bloeit al in maart en april, ruim voordat het blad verschijnt. De felrode bloemen trekken bijen en andere insecten aan, want de plant is drachtig. Na de bloei volgen gele, geurende vruchten die eetbaar zijn na bereiding.
Plant de Dwergkwee op een zonnige of halfschaduwrijke plek. Zo krijgt u de rijkste bloei en de beste vruchtzetting. De struik gedijt in gewone tuingrond, mits deze goed doorlatend en voldoende diep is.
Hoe ziet de plant er na enkele jaren uit
De groei verloopt traag maar gestaag. Na verloop van tijd bereikt de struik ongeveer twee meter hoogte, met een breed en licht doornig gestel. Het blad is klein, glanzend en dieper groen dan bij verwante soorten. Vergeleken met de gewone kweepeer blijft deze variant lager en compacter.
Waar en hoe planten voor een geslaagd resultaat
Deze heester is zeer winterhard tot ongeveer -28 graden en verdraagt vorst zonder bescherming. Eenmaal gevestigd is hij vrij droogtebestendig. Houd de eerste jaren een matige watergift aan.
Combineren en gebruiken in de tuin
De Dwergkwee doet het uitstekend als solitair, in een bloeiende border of in een gemengde haag. Combineer hem met vroegbloeiende bollen of andere heesters voor een gelaagd geheel. Wie de Japanse kweepeer in een haag verwerkt, waardeert de doorns als natuurlijke afscherming. De struik is doorgaans weinig gevoelig voor ziekten en vraagt weinig onderhoud, wat het plezier seizoen na seizoen vergroot.
PRO TIP : Dwergkwee
Chaenomeles japonica is matig zouttolerant en niet ideaal voor de eerste rij aan de kust. In een tuin verder landinwaarts of achter een windkering groeit hij prima. Vermijd plekken met veel zout strooiwater langs paden.
Snoei direct na de bloei in het late voorjaar. Verwijder dan uitgebloeide en te dichte takken om een compacte vorm te houden. Zo behoudt u de bloei van volgend jaar, die zich vormt op het oudere hout.
De gele vruchten zijn eetbaar na bereiding. Rauw zijn ze hard en zuur, maar verwerkt tot gelei, siroop of compote geven ze een aromatische smaak. Oogst ze in de herfst wanneer ze geel verkleuren.











