Luchtige zomerbloei
Kenmerken
Esthetiek
Tuinieren
Locatie
Chinese ruit
De Chinese ruit, botanisch Thalictrum delavayi, brengt een luchtig bloemscherm in de halfschaduw. De talrijke kleine paarse bloempjes zweven boven het fijne blad en geven de border diepte en beweging.
Plant deze soort op een plek met lichte schaduw of ochtendzon, in een frisse, drainerende en voedzame bodem. Na twee tot drie seizoenen vormt de plant een stevige, opgaande pol van ongeveer een meter hoog die betrouwbaar terugkeert.
Waarom kiezen voor deze luchtige vaste plant
Anders dan zwaardere borderplanten valt de Thalictrum delavayi op door zijn ijle, transparante structuur. Het fijn ingesneden, blauwgroene blad lijkt op dat van een akelei. De opgaande stengels dragen wolken van kleine paarse bloemen zonder de plant zwaar te maken.
Binnen het assortiment ruit is deze soort een van de meest gewaardeerde voor de late zomer. De bloei loopt van juli tot september en trekt bijen en andere bestuivers aan.
Waar plant u de Thalictrum delavayi het best
Deze plant houdt van halfschaduw en een bodem die vochtig blijft zonder te verzadigen. Een humusrijke, goed doorlatende grond geeft het mooiste resultaat. Op te droge standplaatsen blijft de groei achter.
Combineer de Chinese ruit met hosta's, varens of siergrassen voor een natuurlijke, gelaagde border. De ijle bloemschermen vormen een mooi contrast met steviger blad.
Hoe verzorgt u de plant per seizoen
De groei is matig, dus geef de plant de tijd om zich te vestigen. In het eerste jaar is regelmatig water geven bij droogte belangrijk. Vanaf het tweede seizoen komt de plant vollediger tot bloei.
Wat mag u na enkele jaren verwachten
De Chinese ruit is winterhard tot ongeveer -22°C en verdraagt de Nederlandse winter goed. Als vaste planten keert de soort elk jaar terug en wordt geleidelijk voller. De bloemen zijn geschikt om te snijden en geven een luchtig accent in het boeket. Let op uitdroging in een te zonnige of schrale bodem.
PRO TIP : Chinese ruit
Kies een plek in halfschaduw met een frisse, drainerende en humusrijke bodem. De grond mag vochtig blijven maar niet verzadigd raken. Op te zonnige of droge standplaatsen blijft de groei en bloei achter.
Plant in maart, april, september of oktober. Houd 40 tot 50 cm afstand aan zodat de opgaande pollen zich goed kunnen ontwikkelen. Geef in het eerste jaar water bij droogte om het wortelen te ondersteunen.
De stengels zijn rank en kunnen bij wind of regen doorbuigen. Een lichte, discrete steun houdt de bloemschermen mooi rechtop. In een luwe border komt de plant vaak zonder steun goed uit.









