Sterke zonplant met gele schermen
Kenmerken
Esthetiek
Tuinieren
Locatie
Boerenwormkruid, een sterke vaste plant voor zon en structuur
Waarom Boerenwormkruid opvalt in de border
Boerenwormkruid, of Tanacetum vulgare, vormt vrij snel een rechtopgaande pol van circa 80 cm hoog en meestal 40 tot 60 cm breed. Het blad is diep ingesneden, sterk geurend en sterft in de winter doorgaans af.
Van juni tot september verschijnen vlakke schermen met ronde, gele bloemhoofdjes. Ze zijn bruikbaar als snijbloem en trekken bijen en zweefvliegen aan. Het kruid wordt traditioneel genoemd bij natuurlijke plaagbestrijding, maar in de tuin telt vooral de vaste structuur.
Waar Tanacetum vulgare het best groeit
Kies een zonnige plek in doorlatende grond. Klei is geschikt als water in de winter kan weglopen. In het Nederlandse klimaat is langdurig natte, dichte bodem de voornaamste risicofactor voor wegvallen.
Deze plant past achter in een border, langs een moestuinpad of in een natuurlijke beplanting met Wilde Vaste Planten. Wie soorten wil vergelijken, vindt in Tijmbladige boerenwormkruid - Tanacetum een logische verwante groep.
Boerenwormkruid planten en de eerste jaren begeleiden
Plant bij voorkeur van maart tot juni. Geef jonge planten de eerste weken geregeld water, daarna alleen bij aanhoudende droogte. Reken in jaar 1 op inwortelen; in jaar 2 en 3 wordt de pol voller en steviger.
Gebruik het als kruid voor moestuinranden, in een landelijke border of als losse snijbloem. De opgaande vorm combineert goed met siergrassen, achillea en salvia.
Boerenwormkruid verzorgen in elk seizoen
Eenmaal aangeslagen verdraagt boerenwormkruid droge perioden redelijk goed, maar niet onbeperkt op heel schrale grond. De plant is zeer winterhard, tot ver onder -20°C, en loopt na vorst meestal betrouwbaar weer uit.
Over het algemeen is hij weinig gevoelig voor ziekten. Let wel op sterke zaadvorming en op de giftigheid voor huisdieren en grazers. Knip in late winter oude stengels terug; zo start de pol netjes opnieuw.
PRO TIP : Boerenwormkruid
Kies een plek in volle zon met doorlatende grond. Op klei lukt het ook, zolang overtollig winterwater kan weglopen. Zet de plant liever niet in een blijvend natte hoek.
Geef na het planten enkele weken geregeld water, zodat de wortels goed aanslaan. Daarna is extra water meestal alleen nodig bij langere droge perioden, zeker op lichte grond.
De plant kan zich uitzaaien als u de bloemstelen laat staan. Knip ze na de bloei weg als u dat wilt beperken. Houd ook rekening met giftigheid voor huisdieren en grazende dieren.








