Grijsgroen en droogtevast
Kenmerken
Esthetiek
Tuinieren
Locatie
Ballota hirsuta
De Ballota hirsuta, botanisch Ballota hirsuta, is een grijsgroene halfstruik uit het Middellandse Zeegebied. U kiest deze soort voor een zonnige, droge plek waar weinig anders wil groeien. Na enkele jaren vormt de plant een dicht, wollig bladtapijt van ongeveer 60 cm hoog.
Waarom deze harige ballota in uw tuin past
Het viltige, zilvergrijze blad geeft rust en structuur, ook buiten de bloeiperiode. In tegenstelling tot de meer bekende Ballota nigra blijft deze soort compacter en behoudt zij haar grijze tint. De witte bloemen verschijnen van juli tot oktober en trekken bijen en andere insecten aan.
De plant blijft in zachte winters groen. Daarmee hoort zij bij de wintergroene vaste planten die het perk ook in het koude seizoen kleur en volume geven.
Waar plant u deze mediterrane soort het best
Kies een volle zon en een goed doorlatende, kalkrijke bodem. Zware, natte grond verdraagt de plant slecht, vooral in de winter. Op een helling of in een rotstuin helpt het wortelgestel de grond vast te houden en erosie te beperken.
Reken op een trage groei en een buisvormig, breeduitlopend gestel. Houd bij het planten ongeveer 60 cm afstand aan zodat de planten na verloop van tijd aaneensluiten.
Combineren en toepassen in de droge tuin
De grijze bladkleur combineert mooi met lavendel, thijm en siergrassen. In een verzameling vaste planten voor een zonnige border zorgt de ballota voor toon en textuur. Ook als bodembedekker op een droge, arme plek doet zij goed werk.
Onderhoud en aandachtspunten door het jaar
Plant bij voorkeur in november of december. Snoei in het voorjaar de uitgebloeide en vorstbeschadigde delen weg om de plant compact te houden.
Willemse begeleidt u zo seizoen na seizoen naar een tuin die past bij het klimaat.
PRO TIP : Ballota hirsuta
Kies een volle zon met een goed doorlatende, kalkrijke bodem. De plant komt uit het Middellandse Zeegebied en verdraagt droogte goed, maar heeft een hekel aan natte, zware grond in de winter. Een helling of rotstuin is ideaal.
De vorstgrens ligt rond -5°C, zone 9a. In een groot deel van Nederland is dat krap. Plant op een beschutte, zonnige plek met scherpe drainage en dek de voet in strenge winters af met bladeren of stro.
Snoei in het voorjaar, na de kans op strenge vorst. Verwijder dan uitgebloeide en beschadigde takken en kort de plant licht in. Zo blijft het bladtapijt dicht en compact en groeit de plant fris opnieuw uit.
















