Roze bloei in september
Kenmerken
Esthetiek
Tuinieren
Locatie
Amarine 'Belladiva Aphrodite' (x4)
De Amarine 'Belladiva Aphrodite', botanisch Amarine belladiva aphrodite, is een kruising die de kracht van Amaryllis en Nerine verenigt. Deze bolgewassen brengen een late, tere roze bloei op een moment dat de meeste borders al uitgebloeid zijn.
Plant deze bol op een zonnige, beschutte plek, bij voorkeur tegen een warme muur. Na enkele seizoenen vormt zich een stevige pol die elk najaar rijker bloeit. Zo wint uw border met de jaren aan structuur en kleur.
Waarom kiezen voor deze bijzondere bolgewas
De Amarine bloeit in september, wanneer weinig andere planten nog kleur geven. De rechtopstaande stelen dragen bundels trechtervormige bloemen in helder roze. Anders dan de gevoeligere Nerine verdraagt deze kruising koelere omstandigheden iets beter.
De bloemen zijn uitstekend geschikt als snijbloem en trekken bijen aan. Deze bijzondere bloembollen passen goed in een border met mediterrane sfeer.
Waar plant u de amarine het best
Kies een volle zon en een goed doorlatende, zandige of kalkhoudende bodem. Een neutrale, drainerende grond voorkomt dat de bol wegrot in natte winters. In de kuststreek van Nederland voelt deze plant zich thuis dankzij de zachtere winters.
Winterhardheid en bescherming tegen vorst
De Amarine is hardy tot ongeveer -8 graden (zone 8b). In het Nederlandse klimaat is winterbescherming aan te raden, zeker in koudere streken. Op een beschutte plek overwintert de bol beter en komt hij krachtiger terug.
Combineren en verzorgen door de seizoenen
Combineer de zachtroze bloemen met grassen of blauwe najaarsbloeiers voor een natuurlijk geheel. Deze zomerbloeiende bollen doen het ook goed in potten die u kunt verplaatsen.
Laat het blad na de bloei rustig afsterven, zo voedt de plant haar bol voor volgend jaar. Met de juiste standplaats en geduld geniet u seizoen na seizoen van een steeds vollere bloei.
PRO TIP : Amarine 'Belladiva Aphrodite' (x4)
Plant de bollen tussen maart en mei op een zonnige, beschutte plek. Zet de hals van de bol net boven het maaiveld in een goed doorlatende, zandige of kalkhoudende bodem. Zo krijgt de plant tijd om te wortelen voor de najaarsbloei.
De plant verdraagt vorst tot ongeveer -8 graden. In het Nederlandse klimaat raden we winterbescherming aan met een laag blad of stro. In de kuststreek met zachtere winters overwintert de bol makkelijker op een beschutte standplaats.
Laat het blad na de bloei op natuurlijke wijze afsterven. Het gele blad voedt de bol voor het volgende seizoen. Snijd het pas weg als het volledig is verdroogd en geef gedurende de groei matig water.





