PRO TIP : Tuinonderhoud
Start zodra de grond niet meer bevroren of kletsnat is, meestal vanaf maart. Begin met blad verwijderen, snoeien van dood hout, gazon controleren en compost aanbrengen waar de bodem voeding nodig heeft.
Een snoeischaar, hark, handschepje, onkruidsteker, bezem en stevige tuinhandschoenen dekken de meeste klussen. Voor grotere tuinen zijn een kruiwagen, takkenschaar en gazonrandensteker praktisch.
Trek onkruid na een regenbui met wortel en al uit de grond. Werk jonge zaailingen wekelijks weg en bedek kale bodem met mulch, zodat nieuwe kieming minder kans krijgt.
Maai regelmatig, maar niet te kort: 4 tot 5 cm is veilig bij wisselvallig weer. Hark mos en vilt weg in het voorjaar, geef voeding in groeiperiodes en sproei alleen langdurig bij droogte.
Bescherm potten tegen vorst met noppenfolie of jute en zet ze op voetjes tegen natte wortels. Dek kwetsbare planten af met vliesdoek en laat afgevallen blad in borders liggen als natuurlijke isolatie.































