Kenmerken
Esthetiek
Kattenkruid Kit Cat: compacte kattenmagneet en sterke tuinplant
Wat maakt Kattenkruid Kit Cat interessant voor tuin en terras?
Kattenkruid Kit Cat is ontwikkeld als compacte, goed vertakkende variant van klassiek kattenkruid. Deze selectie is vooral geschikt voor kleinere tuinen, vooraan in de border en voor teelt in potten op terras of balkon. De plant is aantrekkelijk voor bijen en hommels en oefent, zoals de meeste kattenkruiden, een sterke aantrekkingskracht uit op veel katten. Verwacht geen spectaculaire hoogte, maar een laag, dicht kussen met fris blad en een langdurige bloei in de zomer.
In volwassen stadium blijft deze variëteit doorgaans rond de 25 tot 40 cm hoog, met een vergelijkbare breedte. Daardoor stoort hij naburige planten niet snel en past hij goed in smalle stroken of tussen stapstenen. De groeiwijze is bossig en half-opgaand, met talrijke stengels die vanuit de voet uitlopen. Dit geeft een gelijkmatige, gevulde indruk zonder kale middenzone, mits u de plant één tot twee keer per jaar terugknipt.
Het blad is typisch voor kattenkruid: lichtgroen tot grijsgroen, fijn getand en vaak zacht behaard. De bloei bestaat uit vele kleine lipbloemen in aren. De exacte tint kan per kweekbatch licht variëren binnen een spectrum van zachte blauwtinten tot licht paarsachtig, maar u mag doorgaans rekenen op een koele, rustige kleur die goed combineert met roze, wit en zilverbladige planten. De geur is kruidig; deze is voor mensen aangenaam subtiel, maar voor katten vaak zeer aantrekkelijk.
Het nut van deze plant is dubbel: enerzijds krijgt u een sterke, relatief onderhoudsarme vaste plant voor de zonnige border, anderzijds biedt u uw kat een veilige plek om te rollen en te spelen, weg van kwetsbare sierplanten. In vergelijking met hogere kattenkruiden is Kit Cat minder snel slordig, waardoor hij ook in strakker ontworpen tuinen of moderne terrassen goed inpasbaar is.
Standplaats en bodem: waar plant u Kattenkruid Kit Cat het best?
Deze plant voelt zich het meest thuis in de volle zon. Reken op minimaal 5 tot 6 uur direct zonlicht per dag voor een compacte groei en rijke bloei. In lichte halfschaduw zal de plant overleven, maar de bloei kan minder uitbundig en de groei wat losser worden. Kies voor een open plek waar wind vrij kan circuleren; dit helpt het blad snel opdrogen na regen en beperkt het risico op schimmelproblemen.
Wat de bodem betreft, geeft Kattenkruid Kit Cat de voorkeur aan een goed doorlatende grond. Een neutrale tot licht kalkrijke bodem is ideaal, maar een zwak zure grond wordt meestal ook goed verdragen, zolang er geen langdurige natte voeten zijn. Op zware klei is het verstandig om voor het planten ruim zand en compost in te werken. In verhoogde bakken of op taluds voelt de plant zich vaak bijzonder goed, omdat overtollig water daar vanzelf wegloopt.
In potten kiest u best voor een luchtig mengsel: standaard potgrond gemengd met ongeveer een derde deel grof zand of fijne grindfractie. Zorg voor drainagegaten onderin de pot en leg eventueel een dun laagje potscherven of kleikorrels op de bodem. Zo voorkomt u dat het water rond de wortels blijft staan. Plaats potten bij voorkeur op een zonnige, beschutte plek, bijvoorbeeld tegen een warme muur die overdag opwarmt en 's nachts warmte afgeeft.
Vermijd kletsnatte standplaatsen en plekken waar in de winter smeltwater blijft staan. In dergelijke omstandigheden kan de wortelhals gaan rotten en valt de plant soms zonder duidelijke waarschuwing uit. Bij twijfel kiest u liever een wat drogere, lichtere plek dan een te natte hoek.
Aanplant, water geven en droogtetolerantie in de praktijk
Voor het planten maakt u de grond eerst diep los, minstens tot een spade diep. Verwijder wortelonkruiden; vooral kweekgras en heermoes zijn later lastig tussen de wortels weg te krijgen. Graaf een plantgat dat iets breder is dan de kluit, maar niet veel dieper. De bovenkant van de kluit mag na het planten gelijk liggen met het omringende grondniveau. Druk de grond stevig aan om luchtgaten te verwijderen en geef direct royaal water.
De eerste weken na aanplant is regelmatige watergift belangrijk, zelfs bij een droogtetolerante plant. Houd de grond licht vochtig maar niet drijfnat. In de regel betekent dat in een gemiddelde Nederlandse of Belgische tuin één tot twee keer per week water geven bij droog weer, afhankelijk van temperatuur en wind. In potten moet u vaker controleren, omdat het substraat daar sneller uitdroogt.
Als de plant eenmaal goed is ingeworteld, kan hij doorgaans goed tegen droge perioden. De bovengrond mag kortstondig uitdrogen, maar langdurig, extreem droge omstandigheden laten zich zien door slappe stengels en hangend blad. Geef in dat geval liever één keer per week een flinke gietbeurt dan elke dag een klein beetje. Diepere, zeldzamere watergiften stimuleren het wortelstelsel om dieper te groeien.
De droogtetolerantie heeft wel grenzen. In zeer lichte zandgrond met volle zon en sterke wind kan de plant het moeilijk krijgen bij langdurige hittegolven. Een dunne mulchlaag van fijn grind of split rond de voet helpt dan om vocht vast te houden en de wortels koeler te houden. Let in potten extra op uitdroging in de zomer: terracotta potten verdampen meer vocht dan kunststof, waardoor u daar vaker moet gieten.
Onderhoud per seizoen, winterhardheid en mogelijke problemen
Het onderhoud is eenvoudig maar regelmatig ingrijpen zorgt voor een net uiterlijk en een langere levensduur. In het voorjaar, zodra er nieuwe scheuten verschijnen, verwijdert u afgestorven stengels van het voorgaande jaar. Dit kan met de hand of met een scherpe snoeischaar. Knip terug tot net boven de jonge scheuten. Een lichte gift organische mest of een laagje goed verteerde compost rond de plant is in maart of april meestal voldoende voor het hele seizoen, vooral in volle grond.
Na de eerste bloeigolf in de zomer kunt u de plant licht terugsnoeien, ongeveer tot een derde van de hoogte. Dit bevordert een tweede, wat bescheidener bloei en houdt de vorm compact. In zeer voedselrijke grond kan de groei wat slapper worden; dan is terugknippen nog belangrijker om te voorkomen dat de stengels omvallen.
Wat winterhardheid betreft, sluiten de meeste kattenkruiden goed aan bij het gematigde West-Europese klimaat. Hoewel exacte cijfers per cultivar kunnen verschillen, mag u normaal gesproken rekenen op voldoende winterhardheid voor de meeste Nederlandse en Belgische tuinen. In strenge winters met langdurige vorst zonder sneeuwdek kan een lichte bescherming nuttig zijn, vooral in potten. Schuif potten dichter bij elkaar en eventueel tegen een beschutte muur, en wikkel de pot met jute of noppenfolie als er zeer lage temperaturen worden voorspeld.
In de volle grond is extra bescherming meestal niet nodig, zolang de grond niet constant kletsnat is. Het risico in de winter zit vaker in natte, slecht doorlatende grond dan in de kou zelf. Zorg daarom voor een goed drainerende standplaats. Eventuele uitval na een extreem natte winter is meestal te herleiden tot wortelrot, niet tot pure vorstschade.
Wat ziektes en plagen betreft, geldt kattenkruid over het algemeen als een sterke, weinig probleemgevoelige plant. Het aromatische blad wordt zelden aangevreten door slakken. In zeer dichte beplantingen of op schaduwrijke, vochtige plekken kan meeldauw optreden: u ziet dan een wit poederig laagje op het blad. Verbeter in dat geval de luchtcirculatie door omringende planten terug te knippen en verwijder aangetast blad. Herhaal eventueel in de toekomst een lichte zomersnoei om de plant open te houden.
Combinaties, gebruik in de tuin en verwachtingen over meerdere seizoenen
Door het compacte formaat is Kattenkruid Kit Cat bijzonder geschikt als voorgrondplant in gemengde borders. Plant hem bijvoorbeeld langs de rand van een pad, zodat u bij voorbijlopen de kruidige geur meekrijgt. In een zonnige border combineert hij mooi met lage rozen, siergrassen van kleine tot middelhoge hoogte en andere droogtetolerante vaste planten zoals salvia's en kleine lavendelsoorten. De zachte bloemkleur werkt verzachtend naast warmere tinten als roze en zachtgeel.
In potten kunt u deze variëteit gebruiken als solitair, maar ook in combinaties met bijvoorbeeld kleine struikroosjes of compacte heesters. Zorg dan dat de soorten vergelijkbare eisen stellen aan zon en water. Door zijn aantrekkingskracht op katten is het verstandig om hem niet pal tussen zeer kwetsbare of zeldzame planten te zetten. Richt desnoods een aparte, zonnige hoek in waar uw kat mag spelen, en plant daar een groepje Kit Cat, zodat de aandacht zich daar concentreert.
Over de seizoenen heen kunt u het volgende verloop verwachten. In het vroege voorjaar ziet u eerst fris nieuw blad aan de basis. Naarmate de temperatuur stijgt, vormt de plant snel nieuwe scheuten en ontstaat een gesloten kussen. In de late lente tot middenzomer begint de bloei. Met een lichte zomersnoei verlengt u die periode en blijft de plant er verzorgd uitzien. In de nazomer en vroege herfst neemt de bloeirijkheid wat af, maar het blad blijft vaak nog lang decoratief.
In de winter sterft het bovengrondse deel grotendeels af. Laat eventueel een deel van de stengels staan tot het vroege voorjaar; ze bieden een minimale bescherming aan het hart van de plant en vormen tegelijk schuilplek voor nuttige insecten. In het nieuwe groeiseizoen herhaalt de cyclus zich, waarbij goed ingewortelde planten meestal nog voller en gelijkmatiger groeien dan in hun eerste jaar.
Op langere termijn, na drie tot vijf jaar, kan het hart van de plant wat verhouten of minder vitaal worden. U kunt dan overwegen om in het vroege voorjaar de kluit op te nemen en voorzichtig te delen. Herplant de jonge, vitale delen in frisse, goed voorbereide grond. Zo houdt u uw beplanting gezond en behoudt u de compacte groeiwijze die zo kenmerkend is voor Kattenkruid.

















